Platform voor buurtontwikkeling

Misschien zijn er meer opbouwwerkers die zich de afgelopen weken deze vraag stellen. Als oud-opbouwwerker ben ik benieuwd hoe ons werk is veranderd door de maatregelen rondom corona. Ik sprak hierover met Fenna Hendriks uit Nijmegen en Marianne te Bokkel uit Lingewaard.

Rennen of verstijven, twee overlevingsmechanismen die mensen vertonen in crisistijd. Het nieuws van een ‘intelligente lockdown’ is nog niet ingedaald en de een staat al in de startblokken met een hoofd vol ideeën. De ander daarentegen, kijkt vol ongeloof voor de zoveelste keer naar de persconferentie en vraagt zich verdoofd af: wat nu?

Dansen op het balkon

Foto: Suzanne van Rijn

afbeelding van Suzanne van Rijn  
Praktijkverhaal
6 april 2020

Normaal rijden mijn collega’s van DOCK Haarlem en ik wekelijks in onze rode Buurttuk door Haarlem Oost. We bellen aan bij bewoners en nodigen hen uit om op straat koffie en thee met elkaar te drinken. Door de coronamaatregelen is dit Bakkie in de Buurt niet meer mogelijk.

Buurtkamer

Foto: Paula Bierma

Het is lente. Waar je ook kijkt, zie je planten en bloemen zich ontvouwen, maar ook talloze prachtige initiatieven ontpoppen.

‘Het is wel gek’, zegt Katinka. ‘We zijn officieel uitgeroepen tot vitaal beroep, maar tegelijkertijd zijn we door onze organisatie opgeroepen om zo min mogelijk fysiek contact te hebben vanwege het coronavirus. Dat is wel even zoeken.

‘Lange leve ons’, schreef Volkskrant columniste Sheila Sitalsing, reagerend op de wijze waarop Nederland omgaat met de pandemie. Ons? Is er een ramp nodig om het verdeelde Nederland tot onderlinge solidariteit te bewegen?

Schermafbeelding van digitale meeting opbouwwerkers

Foto: eigen foto Daniël Pit

Even leek de wereld stil te staan en tegelijkertijd sneller te draaien dan ooit. Al onze agenda’s konden in de prullenbak. Afspraken werden afgezegd, bijeenkomsten uitgesteld. Het opbouwwerk moest iets doen, en wel onmiddellijk, maar wat? In deze crisistijd kan onze vakgroep zich niet veroorloven om als een konijn in de koplampen te staren. Niet nu de maatschappij zo onder druk staat.

Kinderen die voor overlast zorgen, buurtbewoners die niet weten hoe ze hen daarop moeten aanspreken. Verloedering van de wijk, ongeschreven omgangsregels die niet worden nageleefd, noem maar op. Als mensen daar samen niet uitkomen - dat kan deels voortkomen uit culturele verschillen of angst om de andere aan te spreken - dan kruipen mensen steeds verder in hun schulp.

Groep mensen met eten op een tafel

Foto: stock (123rf)

We spreken elkaar in buurthuis De Tulp. Ingrid Swakman: ‘Onderzoeker Marcel Spierts heeft samen met ons wijkteam gekeken naar de vraag of wij meer met collectiviseren in de wijk zouden kunnen doen. Ik was blij dat er zo een aanleiding was om na te gaan wat een collectieve blik voor ons werk zou kunnen betekenen. We zijn bewoners gaan interviewen.

Foto van kind met stoepkrijt

Foto: stock (123rf)

afbeelding van Marien van Schijndel  
Praktijkverhaal
14 januari 2020

‘Weet u wat het is? Je moet er toch het beste van zien te maken.’ De moeder schenkt nog eens thee in. Ze heeft een vriendelijk karakter en vertelt me openhartig haar levensverhaal. Opgegroeid in een ander land en daar haar man ontmoet en met hem getrouwd. Maar hij kon daar niet aarden en na vier jaar vol heimwee besloten ze om naar Nederland te verhuizen.